Intel heeft de voorlopige specificaties vrijgegeven van Vanderpool, de virtualisatiefeatures die nog voor het einde van dit jaar aan desktop- en serverprocessors zullen worden toegevoegd. Virtualisatie is het aanbrengen van een laag tussen de hardware en de software, waardoor interessante mogelijkheden onstaan, zoals het tegelijkertijd draaien van meerdere operating systemen op dezelfde hardware. Hoewel extreem prijzig speelgoed zoals mainframes en supercomputers vaak wel een of andere vorm van hardwarematige partitionering kennen, is het voor gewone stervelingen op dit moment alleen mogelijk om zoiets puur softwarematig te realiseren, met behulp van een pakket zoals VMware of Microsoft Virtual Server. Intel wil dit soort software echter drastisch gaan versnellen, door zijn processors te voorzien van extra instructies en andere features om virtualisatie hardwarematig te ondersteunen.
Er komen twee versies van Vanderpool: VT-x is de versie voor x86-processors en VT-i is een meer geavanceerde specificatie voor Itaniums. Beide gaan echter uit van dezelfde basis: een VMM (Virtual Machine Monitor) krijgt aan de ene kant directe en onbeperkte toegang tot de hardware, en biedt aan de andere kant een virtuele machine aan waar een operating systeem als gast op kan draaien. De gasten zijn beperkt in hun mogelijkheden om te voorkomen dat ze dingen doen die gevaarlijk zijn voor andere virtuele machines en/of de VMM zelf. Deze beperkingen zijn essentieel om meerdere systemen stabiel naast elkaar te laten draaien, maar moeten ook goed verborgen worden gehouden om compatibliteit met alle bestaande drivers en besturingssystemen te garanderen.

Het grote verschil tussen softwarematige virtualisatie en het hardwarematige Vanderpool is de manier waarop voorkomen wordt dat een gast gevaarlijke dingen doet. Bij softwarematige oplossingen moet dit continu in de gaten worden gehouden door de VMM, en die zal dus altijd als extra laag aanwezig zijn. Met Vanderpool zal de processor de gasten echter in een zogenaamde "non-root VMX-mode" laten draaien. Deze geeft gasten schijnbaar onbeperkte en directe toegang tot de hardware, maar slaat direct alarm bij de VMM als één van hen een overtreding dreigt te plegen. De VMM hoeft dankzij Vanderpool dus alleen nog maar de uitzonderingen af te vangen, in plaats van continu alles in de gaten te houden. Bovendien zorgt de technologie ervoor dat de processor snel kan overschakelen tussen de VMM en een gast, waardoor het afhandelen van een uitzondering zo min mogelijk tijd in beslag neemt.
Vanderpool houdt aan de ene kant dus de software in de gaten, maar de techniek bemoeit zich ondertussen ook met de hardware. Het zorgt namelijk voor een soepele afhandeling van de interrupts. Deze kunnen op ieder willekeurig moment door hardware worden gegenereerd om aandacht van de processor te vragen. Als een netwerkkaart een nieuw pakket ontvangt kan deze bijvoorbeeld een interrupt sturen om ervoor te zorgen dat het operating systeem een driver in werking stelt, zodat die het pakket ophaalt en verwerkt. Vanderpool moet echter voorkomen dat dit soort signalen direct bij de gast die op dat moment toevallig actief is terechtkomen, want mogelijk moet een andere gast (ook) reageren op het signaal.
VT-i (dat ook wel bekend staat als Silvervale) biedt als voornaamste extra de ondersteuning voor virtuele processors. Bij VT-x zien alle gasten dezelfde virtuele hardware, die bovendien hetzelfde is als de echte hardware. De Itanium-versie gaat echter verder: iedere fysieke processor kan gesplitst worden in meerdere virtuele processors, zodat systeem met twee cores zich voor kan doen als een 4-way-machine. Dit sluit mooi aan op toekomstige multicore, multithreading processors.
