Intel heeft direct na de introductie van de 3,8GHz Pentium 4 de officiële specificaties van de BTX-standaard vrijgegeven. Tijdens het ontwerpen van een opvolger voor het bijna tien jaar oude ATX heeft het bedrijf zich als doel gesteld om compactere systemen mogelijk te maken die makkelijker gekoeld kunnen worden, iets wat met name bij de microBTX- en picoBTX-formaten een rol speelt. AnandTech heeft naar aanleiding van de aankondiging een review geschreven waarin de nieuwe standaard vergeleken wordt met de manier waarop systemen op dit moment in elkaar worden geschroefd. De voornaamste verschillen zijn vorig jaar al uitgelegd, maar dit keer heeft men ook daadwerkelijk een AOpen B300 microBTX-kast in huis om te testen of het allemaal nut heeft. Als vergelijkingsmateriaal worden een microATX-kast en een normaal ATX-koekblik meegenomen. Allen werden uitgerust met een 3,4GHz Prescott op een i915-moederbord van Intel.

Uit de test blijkt dat de microBTX-opstelling koeler blijft dan de microATX-kast, maar dat het binnen de ruimere ATX-kast weer minder warm wordt dan in de microBTX-behuizing. In eerste instantie lijkt het dus allemaal niet zo veel verschil te maken, maar wanneer naar het geluidsniveau wordt gekeken blijkt dat er wel degelijk een belangrijke verandering is. De BTX-kast koelt alles met één fan die tussen de 1400 en 1700 toeren per minuut draait, terwijl de ATX-kasten beide twee extra casefans nodig hebben. Hierdoor is de BTX-kast 9 à 10 decibel stiller, terwijl er bovendien meer ruimte over blijft voor het plaatsen van hardware. Al met al lijkt de missie van Intel dus wel geslaagd te zijn, hoewel het nog de vraag is in hoeverre het resultaat overtuigend genoeg is om alle bouwers van kasten en moederborden mee te krijgen.
Eén schaap is in ieder geval al over de dam: Shuttle heeft vandaag zijn XPC SB86i picoBTX-barebone aangekondigd met Socket 775-moederbord.
