Onze Franse vrienden van x86-secret hebben de beschikking gekregen over een Opteron 146. In een uitgebreide test hebben ze de processor vergeleken met een 3,2GHz Pentium 4 en een Athlon XP 3200+. Daarnaast hebben ze ook gekeken hoe efficiënt de architectuur van de Opteron-processor is. Om dit te testen hebben ze gebruikgemaakt van een Opteron 140 en een aantal andere processors die allen op een snelheid van 1,4GHz draaiden.
Vergelijking van de architectuur
De prestaties van een processor worden bepaald door de kloksnelheid en de hoeveelheid instructies die per kloktik uitgevoerd, wat afhankelijk is van de architectuur. Om uit te zoeken hoe goed (snel) de architectuur van de Opteron is, heeft x86-secrets een flink aantal processors genomen en die allemaal op 1,4GHz laten werken:
- Pentium 4 2,66GHz ES @ 1,4GHz (14x100)
- Celeron Tualatin 1,3GHz @ 1,4 GHz
- Duron Morgan 1,3GHz @ 1,4GHz
- Athlon XP 2GHz @ 1.4 GHz (Barton, 10,5x133)
- Pentium M 1.4 Ghz
- Opteron 140
- VIA C3 1GHz @ 1,3 GHz
Om de snelheid van de x86-64-instructieset van de Opteron te meten is er gebruikgemaakt van de AMD64-versie van SuSe Linux 8.2 en de Seti@Home benchmark. Van deze laatste is er namelijk ook een x86-64-versie. Wat meteen opvalt zijn de slechte prestaties van de Opteron 140 met 64-bits code. Dit komt overeen met de resultaten van AMD Zone die deze test ook heeft uitgevoerd. Wat ook opvalt zijn de goede prestaties van de Pentium M (Banias) processor die maar liefst twee keer zo snel is als een Pentium 4-processor. De resultaten van de VIA C3 zijn trouwens niet meegenomen omdat de CPU na 15 uur nog steeds niet klaar was.
![]() | |||
![]() | ![]() | ||
![]() | |||
![]() | Pentium M | ![]() ![]() ![]() | ![]() |
![]() | |||
![]() | Athlon XP | ![]() ![]() ![]() | ![]() |
![]() | |||
![]() | Opteron 140 - 32bits | ![]() ![]() ![]() | ![]() |
![]() | |||
![]() | Celeron | ![]() ![]() ![]() | ![]() |
![]() | |||
![]() | Opteron 140 - 64bits | ![]() ![]() ![]() | ![]() |
![]() | |||
![]() | Duron | ![]() ![]() ![]() | ![]() |
![]() | |||
![]() | Pentium 4 | ![]() ![]() ![]() | ![]() |
![]() |
Hierna wordt de snelheid van de verschillende CPU's gemeten met behulp van het programma Sandra Max! 3. De Opteron weet deze benchmark te winnen, hoewel het verschil met de Athlon XP niet erg groot is. Ook de Banias gooit echter hoge ogen, waarbij vooral de prestaties van zijn FPU eruit springen. Eenzelfde beeld zien we in de benchmark SuperPI 1M en Kribibench die beide ook door de Opteron wordt gewonnen.
Opteron 146 vs. 3,2GHz Pentium 4 vs. Athlon XP 3200+
Waar het uiteindelijk echer allemaal om draait, is hoe goed of slecht de Opteron 146 presteert ten opzichte van de naaste concurrentie: de Athlon XP 3200+ en de 3,2GHz Pentium 4. De eerste test die gedraaid wordt is de 32-bits versie van Seti@Home onder Linux. De Opteron 146 presteert bijna even goed als de Athlon XP 3200+, maar de absolute winnaar is de Pentium 4. In SiSoft Sandra Max! 3 zien we precies hetzelfde beeld met als enige uitzondering de score van de FPU van de Opteron die een stuk sneller blijkt te zijn dan die van de Athlon. Dit komt waarschijnlijk doordat de Opteron ondersteuning biedt aan SSE2-instructies.
![]() | |||
![]() | ![]() | ||
![]() | |||
![]() | Opteron 146 | ![]() ![]() ![]() | ![]() |
![]() | |||
![]() | Pentium 4 3,2GHz | ![]() ![]() ![]() | ![]() |
![]() | |||
![]() | Athlon XP 3200+ | ![]() ![]() ![]() | ![]() |
![]() |
Om de ruwe rekenkracht van de processors te meten wordt er gebruikgemaakt van Super PI en deze wordt nipt gewonnen door de Opteron 146, op de voet gevolgd door de Pentium 4 die op zijn beurt weer net iets beter presteert dan de Athlon XP. Ondanks dat de Opteron tijdens de vergelijking van de architecturen de Kribibench-test wist te winnen moet hij toch zijn meerder erkennen in de Athlon XP 3200+ en de 3,2GHz Pentium 4, als ze allemaal op hun normale snelheid draaien. Ook in ScienceMark 2.0 Primordia zien we hetzelfde. Tijdens de CineBench 2003 benchmark weet de Opteron te winnen van de Athlon, maar de absolute winnaar is de Pentium 4 die maar liefst 25% sneller is. x86-secrets sluit af met de CPUMark99-test die zonder moeite door de Opteron wordt gewonnen.
Conclusie
Het lijkt erop dat de Opteron 146 net iets langzamer is dan de Athlon 3200+ en de 3,2GHz Pentium 4 tijdens deze test waarin vooral gekeken wordt naar de pure snelheid van de processors. Vaak is de Opteron ongeveer 10% langzamer dan de Athlon 3200+, precies het verschil in kloksnelheid. Helaas zijn de resultaten van 64-bits instructies nog niet om over naar huis te schrijven, maar misschien dat een aantal verbeteringen in compilers hier verandering in kan brengen. Het blijft dus afwachten tot er 64-bits applicaties beschikbaar zijn voor de Opteron, voordat er een eindoordeel kan worden gegeven.
