Bij X-Bit Labs is een review verschenen van de AMD Athlon 64 3800+ gebaseerd op de Venice-core. De Venice-core is de opvolger van de 90nm Winchester-core die momenteel gebruikt wordt voor Athlon 64-processors met een rating tot en met 3500+. De variant hierop voor Sempron-processors draagt de codenaam Palermo. Ondanks het feit dat 90nm Winchestor-core zuiniger en koeler is dan de 130nm-varianten weet deze minder hoge kloksnelheden te halen. De Venice-core is ontworpen voor hogere kloksnelheden, een 4200+ model zal binnenkort geïntroduceerd worden. Tevens voegt de Venice-core SSE3-instructies toe aan de lijst van features.
Om het mogelijk te maken de kloksnelheid te verhogen maakt de Venice-core gebruik van een technologie genaamd 'Dual Stress Liner'. Deze technologie is enigszins vergelijkbaar met Intel's 'strained silicon', maar biedt enkele voordelen. De technologie maakt het mogelijk dat transistors 24 procent sneller kunnen schakelen, terwijl strained silicon een verbetering laat zien tussen de 15 en 20 procent. Tevens heeft de technologie geen negatieve invloed op de yields en de productiekosten van de processors. Naast een hogere kloksnelheid en SSE3-instructies is de core ook verbeterd op het gebied van de geheugencontroller. Deze is niet alleen sneller geworden, maar ondersteunt nu ook meer geheugenmodules.
Uit de benchmarks blijkt dat de Venice-core inderdaad sneller is dan zijn voorganger. De verschillen zijn echter niet groot, in de meeste benchmarks is het verschil maximaal slechts één à twee procent. Het grootste pluspunt van de Venice-core zijn de potentieel hogere kloksnelheden, iets dat wordt bevestigd door de overklokresultaten. Aangezien de nieuwe core geen nadelen kent verdient het aanschaffen van een processor gebaseerd op de Venice-core logischerwijs de voorkeur, zodra het mogelijk is.
